2016-19 ECIW studiegroep reflectie




Werkboek lessen


Reflectie

Een Cursus in Wonderen gaat over identiteit.

 

Die is voor ieder die zich in deze wereld begeeft, gebonden en verbonden aan de persoonlijkheid en het lichaam. Dat deze identiteit illusoir is, wil de cursus als eerste duidelijk maken. Het ego bewaakt dit terrein van onze schijn werkelijkheid en daarom ook is deel I van de Cursus bedoelt om dit ego te kraken.

 

Dan als er zo een scheur is ontstaan. De denkgeest weer een opening heeft naar haar werkelijkheid. Brengt de Cursus in het licht dat zo naar binnen schijnt, de kennis die de denkgeest nodig heeft om weer te ontwaken.

 

Dat de oude - illusoire - identiteit hierbij verloren gaat, is zoals de Cursus zegt geen opoffering. Zij is verbonden aan de angst die in de denkgeest huist en door de inval van het licht, uit het zicht verdwijnt.

 

Toch kan dit als, voor het eerst na lange tijd de waarheid binnen treedt. De ware identiteit weer wordt ervaren, wel leiden tot een moment van twijfel, waar het ego gretig gebruik van maakt.

 

Want was de illusoire identiteit gevuld met vormen en volop in beweging. Blijkt de ware identiteit stil te zijn. Bewegingloos en onveranderlijk is zij, en vooral licht en zuiver, dus niet gevuld met enige verstoring in de vorm van beelden en gedachten.

 

Het ego torpedeert deze sereniteit met de gedachte, ik ben niets en hangt daar een slang van angsten aan, die kort weg moeten suggereren dat als jij in deze stilte blijft, je in het niets zal verdwijnen.

 

Een student die toch nog enige voorkeuren bezit voor de persoon of zijn fysiek, zal deze sneltrein van het ego direct betreden om dit niets te ontvluchten en weer snel terug te komen op de plek waar alles anders is, maar wel nog steeds begrepen en vertrouwd.

 

Het betreden van dit niets, vraagt duidelijk nog om enige oefening. Maar wees gerust. De Cursus heeft dit al voorzien en richt haar leerstof in deel II dan ook op dit begrip.

 

Comments bij de lessen:

 

251. Ik heb niets nodig dan de waarheid

 

De waarheid is niet iets om mee in discussie te gaan.
Als je merkt dat dit toch gebeurd.
Dan kan ik je alleen maar zeggen dat
Je discussieert met een beeld dat je zelf van de waarheid hebt.
Sinds ik met de cursus ben gestart is deze discussie in mij gaande.
Soms participeer ik actief. Soms kijk ik slechts toe.
Het heeft tijd nodig gehad voor mij om wat ik nu zie, te leren.
Het heeft ook geleid tot veel twijfel, vermoeidheid, verdriet.
Maar nu zie ik in en heb ik ook bereidheid om toe te staan.
Met mijn discussie hou ik de waarheid bij mij vandaan.
Niet langer meer wil ik mijn beelden op haar projecteren.
Kom bij mij en breng mijn beelden bij mij vandaan.

 

257. Laat ik me herinneren wat mijn doel is

 

Herinneren blijft noodzakelijk zolang er nog twijfel is.
Gaat de herinnering diep genoeg, dan is zij echter blijvend.
Twijfel is er dan nog steeds. Maar er is niets dat zich nog met deze twijfel identificeert. Tot dit moment blijft vergeving noodzakelijk.
Vergeef je denkgeest dat hij niet weet wat hem hier wordt gevraagd.
Vergeef je denkgeest dat hij toch nog steeds poogt en zo vergissingen maakt.
Jij alleen kan deze keuze maken en zo aan de denkgeest laten zien dat hem niks kan raken.

 

263. Mijn heilige visie ziet alles als zuiver

 

I am the body
Is the universal bestseller
All have bought it
Except the very wise.

Thank you, Mood

 

Dat het stil wordt op dit stuk - waar de lessen steeds weer oproepen om in stilte te zien, te ervaren ook - is eigenlijk wel goed.

 

Dit is niet het deel van de Cursus dat nog aan moet sporen tot veel geluid en discussie. Dit deel nodigt je steeds weer uit om dieper en nog dieper te kijken. De stilte in haar volle diepte in te gaan.

 

De Christus in jou is tijdloos, eindloos, bewegingloos. Het heeft geen enkele betekenis om dit besef en de ervaring ook maar enig moment met iets dat je ooit hebt gezien, ervaren of verbeeld, te vergelijken. Er is geen vergelijk voor dit besef. Wat je ziet en ervaart, ben jij met het besef daarbij dat de Christus universeel is, één, en dus ook identiek in en voor alles om jouw heen, voor zover je nog denkt dat er een binnen en buiten is.

 

Natuurlijk roept het ego hier, ik ben niets. En op een bepaalde manier heeft hij daarmee ook gelijk. Want het ego is niets, maar jij bent ook het ego niet. En dat begrip zal vanaf dit punt moeten gaan blijken.

 

Worstel je daarbij toch nog met de gedachte ik ben niets en het door het ego geprojecteerde beeld dat jij in niets verdwijnen zal. Leer dan even om de woorden van het ego uit elkaar te trekken.

 

Dan wordt deze gedachte dus,

 

Ik ben niet iets!

 

Maar wat dan wel? Dat zal gaan blijken als je jezelf niet meer als een lichaam ziet. Maar vooral, als je jouw illusoire persoonlijk laat wijken en in plaats daarvan voor de waarheid kiest.

 

Ronald van Gigch